Bruny Island
Door: Wilco & Hanneke
Blijf op de hoogte en volg Robin & Julian
19 Maart 2009 | Australië, Sydney
Noord Bruny Island is voornamelijk landbouwgebied maar het zuiden grotendeels een natuurpark. Beide eilandjes, ze zijn niet groot en in totaal wonen er maar 520 mensen, worden verbonden met elkaar met een dunne strook, genaamd The Neck. De oostkant is ruig en de zee is wild en er zijn geen wegen. De zuidkant en de westkant beschikken over prachtige zandstranden en een turquoise gekleurde oceaan. We rijden naar Adventure Bay, de plaats waar Captain Cook voor het eerst voet aan land zetten in Tasmanië/Australië. De wegen zijn grotendeels gemaakt van gravel, behalve de weg door de dorpjes. Deze is geasfalteerd. Dorpjes betekent in dit geval een plaats waar maar een klein aantal huizen staan en waar geen voorzieningen zijn. Ook Adventure Bay, op de kaart lijkt het een behoorlijk dorp, beschikt slechts over 1 supermarkt annex postkantoor annex bank annex benzinestation enzovoort. We vinden 1 café, tevens het informatiecentrum, waar we overigens heerlijk gegeten hebben. Op het strand van Adventure Bay, loopt Julian weer een aantal stappen los. Terug op de kampeerplaats blijken we toch niet alleen te zijn. Een school heeft hier haar uitje gepland en de buren zijn dus ongeveer 30 pubers. Het strand is schitterend: een lagune met wit zand en een ondiepe zee tot wel 50 meter zee inwaarts.
De volgende ochtend is het een beetje bewolkt, maar we besluiten toch nog een dagje te blijven. We rijden een stukje naar Cape Bruny waar de vuurtoren staat. Van daaruit kun je de hele baai overzien en heb je mooi zicht op de oceaan. Dit is tevens de meest zuidelijkste bestemming van onze reis, naar schatting zo’n 18.000 km van Nederland vandaan. Het waait erg hard bij de vuurtoren, dus we maken snel een paar foto’s en gaan weer terug naar de auto. We moeten nog een paar boodschappen doen, dus rijden zo’n 20 kilometer over een gravelroad om bij een winkeltje te komen. We kopen alleen wat we echt nodig hebben, want de spullen zijn erg duur. Op het zuidelijke deel van het eiland zijn ook maar twee kleine winkeltjes te vinden. We gaan weer terug naar de camping. Wilco gaat met de kinderen naar het strand en ik smeer boterhammen zodat we op het strand kunnen picknicken. Na het eten gaat Julian naar de tent voor zijn middagslaapje en speelt Robin lekker met zijn autootjes en boten op het strand. We hebben een weg gemaakt met een aantal piepoes (tunnels) en daar vermaakt hij zich de rest van de middag mee. Een stukje verder op het strand zijn allemaal zeesterren aangespoeld, dus we gaan even kijken. Ik pak er een op, dus Robin doet dat ook. Al snel is hij alle zeesterren aan het verzamelen voor een foto en om ze daarna weer terug de zee in te leggen. Aan het eind van de middag komt Julian ook nog op het strand spelen. Samen spelen ze lekker in het water en op het strand.
De volgende ochtend worden we om kwart over zeven wakker door de buurman. Het is de leraar van het klasje die zijn leerlingen wakker roept en vraagt of er liefhebbers zijn voor een duik in de zee. Wij staan dus ook maar op. Het is vandaag een schitterende dag. De zon schijnt al volop. Toch besluiten we om verder te gaan. Op weg naar de veerboot raakt de auto met trailer in de slip op de gravelroad. Gelukkig kunnen we op tijd stoppen maar de trailer staat bijna haaks op de auto. Er lijkt niets aan de hand maar als we wat beter kijken zien we twee behoorlijke deuken bij het achterlicht en is de trailer koppelstang, die verbonden zit aan de auto, gebogen. Balen dus maar gelukkig is er met ons niets gebeurd. Wel moet in ieder geval de trailer rechtgebogen worden, dit besluiten we in Hobart te doen. Onderweg richting de veerboot stoppen we nog even bij The Neck National Park. Dit is het smalle gedeelte waar het noord en zuid eiland met elkaar verbonden zijn. Het is eigenlijk niet meer dan een duin, met aan beide zijden de zee. We gaan met een lange trap naar boven om van het uitzicht te genieten. Op het strand ligt een zeehond te zonnen. Hier gaan we ook nog even van een afstandje naar kijken. Daarna verder naar de veerboot en terug naar Hobart om een garage te zoeken. Aan het eind van de middag rijden we verder met een gerepareerde trailer. We hebben nog 100 kilometer voor de boeg voor we bij Port Arthur zijn.
-
19 Maart 2009 - 21:21
Gabriel:
Hoi lucky family,
Ik ben NIET jaloers hoor. Goh wat een fantatische ervaring. Mooie verhalen en leuke foto's. Ik blijf jullie uiteraard op de voet volgen (helaas vanaf afstand) -
20 Maart 2009 - 22:09
Sylvia Texaco Uden:
he wilco
ik wilde even zeggen dat ik sinds vandaag niet meer bij de texaco werk.
Bedankt voor alles!
groetjes sylvia
Reageer op dit reisverslag
Je kunt nu ook Smileys gebruiken. Via de toolbar, toetsenbord of door eerst : te typen en dan een woord bijvoorbeeld :smiley