Karijini National Park
Door: Hanneke
Blijf op de hoogte en volg Robin & Julian
10 Mei 2009 | Australië, Sydney
Vanaf nu wordt het dus aftellen al duurt het nog 92 dagen. De teller van de auto staat inmiddels al 15.000 kilometer verder dan we hem kochten en waarschijnlijk zijn we qua kilometers ook op de helft. Dingo’s hebben we vanavond nog niet gezien, in tegenstelling tot gisteravond. Ook hoor je ze ‘s avonds huilen. We slapen nu voor de tweede nacht in Karijini, want het bevalt prima. Oké er zijn weer wat vliegen maar de temperatuur is goed, overdag 28 graden en ‘s nachts 15. De omgeving is schitterend. Het park bezit een aantal ravijnen met watervallen. De afgelopen dagen hebben we, samen met de kids, weer de nodige uurtjes gewandeld. Ook nu ging het weer goed. Gisteren hebben we de Fortescue Falls en Circular Pool bezocht. Deze wandeling van een uurtje of vier brengt je in de ravijn, bij een kleine maar mooie waterval. Daarna loop je door de rivierbedding naar het eindpunt van deze gorge, een klein meertje. Hier stroomt het water door de rotsen het meertje in en daarom hebben Robin en ik hier een heerlijke en warme douche genomen. Een echt Fa-momentje (reclame). Julian geniet in de tussentijd van zijn lolly. Op de bushcamping praten we nog wat met een Nederlandse gozer, die voor de tweede keer dat wij hem ontmoeten pech heeft met zijn auto. Ze zijn met zijn vieren rond aan het toeren (twee Nederlanders en twee Engelsen) maar dit verloopt de laatste paar dagen minder soepel. Wij hadden ze ontmoet in Coral Bay en daar hadden ze ook al autopech. Gelukkig zijn wij hier nog verscholen van gebleven. Nog geen lekke band, niets. De bushcamping is aan het eind van het park, bij Dales Gorge. Dat is ook het vertrekpunt van de wandeling van gisteren. Vandaag bezoeken we echter de andere kant van dit park, Weano Gorge en omgeving. Dit is ongeveer 60 kilometer verder met wederom een dirt road. Deze zullen we nog vaak tegenkomen aangezien het merendeel van de Australische wegen dirt roads zijn. Ook vandaag was het weer aangenaam warm, lekker wandelweer. Als we aankomen bij de parkeerplaats slaapt Julian en besluiten Robin en ik om vast e.e.a. te gaan ontdekken. De wandeling in Hancock Gorge loopt wederom door het ravijn maar om dit te bereiken moet je afdalen via een stalen trap. Een aantal mensen hebben me dit afgeraden om met kinderen te doen maar uiteraard wil ik dit wel zelf beoordelen. Aangekomen bij de trap besluit Robin en ik dat dit een eitje wordt. Ik ga voorop en Robin volgt. “Dit is hetzelfde als met papa naar de zolder gaan”. Dat klopt, alleen iets langer. Beneden aangekomen lopen we nog een stukje verder. We steken regelmatig het riviertje over omdat het niet mogelijk is om verder te lopen. We volgen de blauwe route, klasse 5. De routes worden ingedeeld naar moeilijkheidsgraad en ontvangen daarna een kleur. Klasse 6, rood: deze route mag je alleen nemen als je volleert bergbeklimmer bent. Je moet hier klimmen en abseilen. Wij lopen en klauteren door totdat we schijnbaar niet verder kunnen. Het riviertje wordt hier iets dieper maar met Robin op de nek en tot mijn knieën door het water, komen we toch bij het volgende obstakel. De ravijn is nu nog maar enkele meters breed en honderd meters hoog. Ons eindpunt ligt op het moment dat de rivier, na een kleine waterval zo diep wordt dat je er alleen zwemmend doorheen kunt. Het is hier te diep en de rotswand is te stijl. Aangezien je niet kunt zien hoe ver je moet zwemmen en de camera’s ook niet bestand zijn tegen water, keren we hier om. Wederom door het water terug, Robin vind dit prachtig en ook ik geniet. Even het water uit mijn bergschoenen schudden, sokken uitwringen en weer terug. Hanneke en Julian wachten inmiddels al een tijdje op ons en Hanneke is dan ook niet blij met ons avontuurtje. Ik had ook gezegd, we zijn zo weer terug.
We drinken wat, nieuwe droge sokken aan en we gaan nu de wandeling maken die we van plan waren. Beneden aangekomen gaan we eerst naar rechts de ravijn in. Hier wordt het echter al snel blauw en ook hier kunnen we alleen zwemmend doorheen. Dit maal sta ik tot mijn billen in het water en verderop wordt het alleen maar dieper. Wederom natte schoenen dus, mijn sokken had ik ditmaal al uit gedaan. Je leert snel. De wandeling door de ravijn is wederom erg mooi en behoorlijk lastig. Maar Robin weert zich kranig en klimt en klautert er op los. Aan het einde van het ravijn klimmen we steil omhoog en daar besluiten we om te gaan lunchen. Helaas ook met een aantal vliegen maar inclusief een schitterend uitzicht op de ravijn. Nu nog wat foto’s nemen van termietenheuvel, ze zijn hier ook ruim 3 meter hoog en dan terug naar de camping om aan het avondeten te beginnen. (Camping lees: een plekje in de natuur met een hokje met een gat in de grond). En gasbarbeque’s, want die vindt je overal in Australië. Verder dus niets. Veel rood zand.
We hebben al verschrikkelijk veel gezien de afgelopen drie maanden en zijn ook blij dat we een dagboek bijhouden. Gelukkig hebben we de foto’s nog, op dit moment een kleine tweeduizend (leuk voor de fotoavond als we terug zijn) en ruim 5 uur film. De kinderen zijn ook al aardig gewend aan dit leven. Ze spelen met alles wat ze vinden, stenen, takken en het beetje speelgoed wat we hebben meegebracht of gekocht. Ook de autoritjes verlopen zeer voorspoedig, ondanks dat ze soms meer dan 700 kilometer stil moeten zitten. Oké de dvd schermpjes die we gekocht hebben, en inmiddels al weer kapot zijn, helpen maar deze gebruiken we alleen in uiterste noodzaak. Met appels en rijstwafels is nog steeds veel goed te maken. Bananen zijn inmiddels uit de gratie.
Robin leert steeds beter Engels praten en kan zich ten aanzien van andere kinderen al redelijk uiten. Hij zegt zijn naam en vraagt of ze met hem willen spelen. Hij wijst aan wat hij bedoelt en roept steeds, this one or that one. Hij leert elke dag Engelse woordjes bij. In het Nederlands begint hij nu steeds meer letters van het alfabet te benoemen en kan zijn eigen naam al schrijven. Was hij voor de reis nog best verlegen, hij loopt nu naar andere kinderen en gaat ermee spelen. Behalve als er grote mensen bij staan, dan moeten wij mee. Hij heeft al veel vriendjes gemaakt en ondanks dat ze meestal na een aantal dagen weer weg zijn blijft hij het proberen. Het is ook mooi om te zien dat de taal meestal geen problemen oplevert.
Ook Julian is zijn woordenschat aardig aan het vergroten. De maan, Dora, kikker, eten, drinken, ranja maar ook mama en papa Coco. Het hallo uit zijn mondje klinkt heel grappig, een beetje met een w erbij. Hij begint ook vaker met Robin samen te spelen en als hij het toelaat en niet alles afpakt wat Julian heeft, kunnen ze al lang samen doorbrengen. Hij loopt goed en eet vooral ‘s avonds heel veel. ‘s Morgens krijg hij geen hap meer door zijn keel, terwijl hij aan het begin van onze reis ook ‘s morgens veel boterhammen at. Dit komt vanzelf wel goed, Robin eet meestal ‘s avonds nauwelijks nog iets. Toch zijn ze allebei, en wij ook, nog geen dagje ziek geweest.
Nu volgt weer het vervolg van de “geplande” route. Coral Bay en Karijini waren immers extraatjes. Terug richting Broome (1000 kilometer) en dan verder richting Darwin. Onderweg nog de Bungle Bungles en Litchfield National Park bezoeken en dan zijn we weer terug bij de zee. De volgende ervaringen rijker.
Reageer op dit reisverslag
Je kunt nu ook Smileys gebruiken. Via de toolbar, toetsenbord of door eerst : te typen en dan een woord bijvoorbeeld :smiley